Biografie

Nijmegen, 7 januari 1951 – Amsterdam, 15 februari 1990

Tot 1975 | Frans Kellendonk was het eerste kind en de enige zoon in een katholiek Nijmeegs aannemersgezin. Er worden na hem drie zusters geboren: Anne-Marie (*1952) en de tweeling Rinie en Els (*1954). Vanaf zijn negende jaar werd hij gegrepen door het schrijven van strips en verhalen; al in 1963 werd in de provinciale krant De Gelderlander een verhaaltje afgedrukt dat hij samen met een vriend had geschreven. Tijdens zijn gymnasiastenjaren op het Nijmeegse Sint-Dominicus College komt hij onder de indruk van klassieke filosofie en literatuur, die hem ertoe inspireren schrijver te willen worden. Onder het pseudoniem Kelly publiceert hij korte verhalen in schoolkranten, waarvan hij ook redacteur wordt. In 1969 geeft hij een gestencilde verhalenbundel uit: Het reuzenrad: Vijf gezellige episoden, die vlak voor zijn eindexamen verschijnt. Hierna studeert hij Engels in Nijmegen tijdens de jaren van studentenprotest. Kellendonk neemt deel aan activiteiten van het Socialisties Onderwijs Front. Hij vernietigt in 1971 vrijwel al zijn ‘onaffe’ jeugdwerk, en wil serieuzer literair werk schrijven. Na zijn kandidaatsexamen in 1972 studeert hij enige tijd in Birmingham en doet hij onderzoek in Londen, Oxford en Cambridge voor zijn scriptie over de zeventiende eeuwse literaire uitgeverij Mariott. Hij studeert in 1975 cum laude af.

Kellendonk in 1983Van 1975 tot 1986 | Kellendonk verhuist naar Amsterdam, en gaat met zijn vriend in een woonschip wonen. Hij schrijft intens aan eigen verhalen, en voorziet in zijn levensonderhoud als tijdelijke leraar Engels op diverse scholen, als bibliotheekmedewerker aan de VU te Amsterdam en als universitair docent Engels aan de Utrechtse universiteit. Intussen bereidt hij zijn proefschrift voor. In 1977 verschijnt de verhalenbundel Bouwval bij Meulenhoff, die onmiddellijk een succes wordt. Het boek wordt bekroond met de Anton Wachterprijs 1977. Hij wordt recensent voor Engelse en Amerikaanse literatuur bij Vrij Nederland. In 1978 treedt hij toe tot de redactie van het literaire tijdschrift De Revisor. Hij ontwikkelt zich tot een invloedrijke stem in de redactie, waar hij tot 1983 deel van uitmaakt. In november 1978 promoveert hij aan de Nijmeegse universiteit hij tot doctor in de letteren op het proefschrift John & Richard Marriott: The History of a Seventeenth-century Publishing House. In 1979 werkt hij bij de Leidse universiteitsbibliotheek. In datzelfde jaar verschijnt zijn ‘vertelling’ De nietsnut. In de studiejaren 1979-1981 doceert hij Amerikaanse literatuur aan de Universiteit van Amsterdam. Hij verblijft in het studiejaar 1981-1982 als writer in residence aan  de University of Minnesota in Minneapolis en reist in de vakanties naar Florida en Californië. Hij schrijft in Minneapolis zijn derde boek, Letter en geest. Een spookverhaal, dat in 1982 verschijnt. In 1982 wordt hij recensent voor NRC Handelsblad. In 1984 verschijnt zijn verhalenbundel Namen en gezichten. In dat jaar verblijft hij enige tijd in Berlijn. Hij doceert in het studiejaar 1985-1986 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Vanaf 1986 legt hij zich zoveel mogelijk toe op zijn literaire schrijverschap.

Kellendonk in 1987Van 1986 tot 1990 |  In mei 1986 verschijnt zijn meesterwerk Mystiek lichaam. Het boek leidt tot een enorme rel, nadat de Volkskrant-criticus Aad Nuis de auteur van antisemitisme beschuldigt. In 1987 verschijnt de essaybundel De veren van de zwaan. In maart van dat jaar verblijft hij op de Antillen om materiaal te verzamelen voor een voorgenomen roman over de moord op de Antilliaanse jongen Kerwin Duinmeyer. In het najaar 1987 is hij gastschrijver aan de Universiteit Leiden, waar hij colleges geeft over Vondels mystieke werk. Deze voordrachten worden in 1988 uitgegeven onder de titel Geschilderd eten. Hij ontvangt in 1987 de Bordewijkprijs voor Mystiek lichaam. Vanaf eind 1988 maakt de ziekte waaraan hij lijdt (AIDS) het hem vrijwel onmogelijk nog te werken. In 1989 worden zijn reisverhalen gebundeld: De halve wereld. Hij overlijdt op 15 februari 1990 in zijn huis aan de Bethaniënstraat te Amsterdam.

Kellendonk & A.F.Th. van der Heijden in 1987

Advertenties

%d bloggers liken dit: